Wanneer houd het nou eens op?

Je kent het wel, zo’n dag waarop alles mis lijkt te gaan. Het begint al voor het ontbijt met gedoe bij het opstaan. Een kind dat zijn bed niet uit wil terwijl het nu toch echt tijd is. Want ja, je hebt de wekker wel gehoord… en weer uitgezet om je nog even te kunnen omdraaien. Daardoor is het nu net wat later dan handig was en dan wil er natuurlijk iemand niet opstaan, laat staan opschieten… De irritatie giert door je lijf en de dag moet nog beginnen…

Irritant gedrag van jouw kind, wat moet je daarmee?

Zijn er, naast boos worden, andere manieren om hiermee om te gaan? En (natuurlijk) wat heeft dit met jou te maken, behalve dat jij ermee te dealen hebt?

Om te beginnen is alles energie. Woorden en gedrag kunnen je raken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een scheldpartij of juist aan een prachtig gedicht. Dat doet iets met je. Het maakt dat je dag, of op zijn minst je humeur, erdoor verandert. De dag beginnen met een ruzie geeft een andere start dan dat je met een fijne knuffel, een grap of een glimlach van start gaat. Dat is een andere energie.

Ook in gebaren en zelfs in gedachten zit energie.

Neem nou de dag die met een knetterende ruzie is begonnen. Hoe verloopt dan het ontbijt? Waarschijnlijk zit alles dan tegen, zie je wel, weer zo’n rotdag! Je struikelt over de kat. Drinken gaat omver, overal kruimels en geplak en natuurlijk ga je te laat de deur uit. Als je geluk hebt hoef je nog maar één keer terug omdat je wat vergeten bent.

En zet dat eens af tegen een andere start:

Je hebt de wekker uitgezet om nog even iets langer te kunnen blijven liggen. Met een glimlach merk je dat je niet de enige bent die nog even in haar lekkere bedje ligt wakker te worden. De kat komt je al miauwend tegemoet en aan tafel is het weer een vrolijke gezelligheid. En als klap op een vuurpijl was je alleen maar je telefoon vergeten waardoor je maar één keer terug hoefde te lopen en je had er nog op tijd aan gedacht ook!!

Het verkeerde been?

En waar zit nu het verschil in? Dat is natuurlijk de vraag. Of is het gewoon een kwestie van het verkeerde been?

Als je hier echt mee aan de slag wilt gaan, is het eerst van belang dat je bij jezelf nagaat wat je echt stoort. In bovenstaand voorbeeld ga je dus na of dat het niet willen opstaan van je kind is? Of ligt het daarvoor al, dat je zelf nog bent blijven liggen? Wat is daar dan zo storend aan? Wat is jouw grootste angst hierbij?

Door op deze manier jezelf te blijven bevragen kom je steeds dichter bij de onderliggende gedachten. Vaak zijn dat zinnetjes die je als kind (vaker) hebt gehoord. Zinnen waardoor je bent gaan geloven dat je bijvoorbeeld niets waard bent, niets kan, een slecht mens bent… vul zelf maar in!

Als je er zo mee aan het werk gaat zal je merken dat bepaald gedrag deze zinnetjes of gedachten activeren. En dan word je dus boos, geïrriteerd of verdrietig. Dit wordt dus opgeroepen door gedrag, gedrag is niet de oorzaak maar de trigger. Het gedrag zorgt er met andere woorden voor dat zo’n zinnetje of gedachten wordt geactiveerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.